KiesUwCursus
Home Juridisch Nieuws & Actualiteiten | Blog PVV verplicht tot betaling billijke vergoeding € 30.000
Naar alle blogs

PVV verplicht tot betaling billijke vergoeding € 30.000

In een recent geschil tussen de PVV en haar voormalig persvoorlichter heeft het hof in hoger beroep vastgesteld dat de PVV ernstig verwijtbaar heeft gehandeld jegens oud-werkneemster. Er werd uitvoering gegeven aan de criteria voor de billijke vergoeding die eerder zijn neergelegd in de uitspraak van het hof van 14 februari jl. Lees hier onze eerdere blogpost over de zogenaamde Hairstyle arresten.

7 juni 2019

Omstandigheden conflict

Het conflict ontstond in oktober 2014, toen appelante naast eigen werkzaamheden de piketdiensten van haar collega over moest gaan nemen in verband met zijn  lijsttrekkerschap voor de Provinciale-Staten. Na de verkiezingen wordt werd  echter nog steeds van haar verwacht door te gaan met deze bijkomende werkzaamheden. Op 15 juni 2015  start een reeks van mailverkeer. Appelante verzoekt hierin meerdere malen een toelage te ontvangen voor het structureel overwerk dat zij verricht en verwijst nadrukkelijk naar de verhoogde werkdruk die ‘een ernstige hypothekering van mijn levenskwaliteit en dus gezondheid betekent‘. De PVV geeft hier geen gehoor aan. Ten slotte verstuurd appelante op 1 december 2015 de volgende mail:

“(…) Ook is al die tijd geen einde gemaakt aan deze situatie waarin ik mij bevind. Ik verricht al lange tijd structureel overwerk, waar dit een tijdelijke aangelegenheid beoogde te zijn, en dit ondanks mijn kwetsbare gezondheid en doktersadvies te stoppen met het structurele overwerk (…) Ik vraag nogmaals van jou mijn klachten serieus te nemen en binnen 10 dagen na dagtekening van deze mail mij aan te geven op welke wijze een eind wordt gemaakt aan mijn structurele overwerksituatie. Voorts verwacht ik binnen dezelfde termijn naleving van artikel 4.4.; dat wil zeggen: betaling van 968 uren aan overwerk (…)”

Op 18 juni 2016 meldt ze zich ziek. Een paar dagen later verklaart een bedrijfsarts haar arbeidsongeschikt. Een psychosociaal therapeut constateert in september een burn-out en geeft in een verklaring het volgende aan: ‘Met name de negatief werkende fenomenen in haar huidige werkomgeving hebben een bijzondere sterke, bijna onontkoombare negatieve invloed op cliënt gehad. Zo is cliënt bij voortduring opgelegd naast haar reguliere werkzaamheden, piket- en bereikbaarheidsdiensten te draaien, waardoor cliënt voortdurend emotioneel en psychisch werd overbelast.’ Ook wordt niet veel later dat jaar een depressieve stoornis vastgesteld.

Ernstig verwijtbaar handelen

Naar aanleiding van deze omstandigheden oordeelt het hof met betrekking tot de ernstige verwijtbaarheid ‘dat de PVV geen adequate en effectieve maatregelen heeft ondernomen om de werkdruk van [appellante] te verlichten en haar is blijven verplichten om dubbele piketdiensten te verrichten.  Het zou voor de PVV, mede door de verscheidene e-mails en de adviezen van haar arts, duidelijk moeten zijn geweest dat de belasting te zwaar was.   

Nu het hof het ernstig verwijtbaar handelen van de PVV heeft vastgesteld is het zaak om de hoogte van de billijke vergoeding vast te stellen. Eerder dit jaar gaf het hof hiervoor enkele handvatten in de zogenaamde Hairstyle arresten. Verschillende factoren moeten worden meegenomen in de belangenafweging, zoals de mate waarin partijen voor het ontstaan van het conflict te verwijten zijn , evenals de gevolgen van de beëindiging van het dienstverband voor de werknemer.

Agressieve procedure

Inmiddels is de verwijtbaarheid van de PVV duidelijk. Echter, appelante heeft ook een rol gespeeld in de escalatie daarvan. Zij zou op een vijandige manier haar procedures hebben gevoerd en harde verwijten jegens de PVV hebben gemaakt. De volgende verklaring nam zij op in akte van 6 februari 2017: “Het typische PVV-gedrag. Is er een probleem? Doen alsof het er niet is. En als het niet stopt, dan gewoon wat intimidatie gebruiken zoals ‘werk je hier nog wel graag’, ‘als je niet meewerkt, ga je problemen krijgen (…) Als er gedreigd moest worden, dan liet [X] zich immers graag vergezellen door [C] . Op die manier, twee tegen één, blaf je een medewerker immers gemakkelijker onder tafel (…) Zelfs compleet huftergedrag door een vervelende fractiemedewerker werd oogluikend door [X] toegestaan en mogelijk zelfs aangemoedigd (…)”

Het hof oordeelt dat appelante heeft bijgedragen aan de verstoorde arbeidsverhouding maar dat gezien haar psychische klachten, zoals de ernstige depressie en psychotische overschrijdingen, de toonzetting haar in mindere mate valt aan te rekenen.

Vaststelling billijke vergoeding

Ook spelen de financiële gevolgen van de ontbinding een rol. Aangezien appelante op 7 januari van dit jaar een nieuwe baan heeft gevonden zijn deze beperkt. De gederfde inkomsten worden tot die tijd geschat op ongeveer € 15.000,- bruto, te vermeerderen met de pro rata dertiende maand en vakantietoeslag.

Ten slotte heeft het hof een schatting geprobeerd te maken van hoe lang de arbeidsrelatie nog in stand zou zijn gebleven als de PVV wel de nodige maatregelen had genomen. Appelante stelt dat zij, gelet op alle omstandigheden, ten minste nog een jaar langer bij de PVV was blijven werken. Wel draagt zij aan dat haar kansen op de arbeidsmarkt kleiner zijn door het zogenaamde ‘PVV-stigma’. Het hof gaat mee met de stelling dat appelante nog minstens een jaar bij de PVV was blijven werken, maar geeft aan dat het PVV-stigma niet tot een verhoging van de vergoeding kan leiden. Appelante heeft er immers zelf voor gekozen om bij de PVV in dienst te gaan.

Al met al stelt het hof de billijke vergoeding op € 30.000,-. Hiermee wordt appelante gecompenseerd voor het ernstige verwijtbaar handelen en wordt er een signaal afgegeven aan de PVV om hun gedrag in de toekomst te veranderen.

Meer actualiteiten en recente jurisprudentie rondom de billijke vergoeding en ontslagrecht? Volg een cursus, klik op onderstaande link:

pvv-billijke-vergoeding