Programma
Programma in het kort
Dag 1:
module 1: overzicht van het onderwijssysteem
module 2: de onderwijswetgeving
Dag 2:
module 3: rechten en plichten in het onderwijs
module 4: governance
Dag 3:
module 5: Toezicht/Wet op onderwijstoezicht (Wot)
module 6: medezeggenschap
Dag 4:
module 7: Rechtspositie
module 8: Studentbegeleiding en studievoortgang
Dag 5:
module 9: klachtrecht
module 10: aansprakelijkheid
Opzet van de basisopleiding onderwijsrecht in het kort
Je bereidt elke cursusdag voor aan de hand van de literatuur in de leeromgeving;
Je kunt een of meer praktijkkwesties selecteren om vooraf in te sturen;
De cursusdag bestaat uit behandeling van (een selectie van) de praktijkkwesties en uitleg van de leerstof.
Hieronder vind je de volledige beschrijving van het programma.
Cursusdag 1:
overzicht van het onderwijssysteem en de onderwijswetgeving.
Ochtend:
Prof. mr. M.T.A.B. Laemers
Inleiding/art. 23 Grondwet/Internationaal recht
De historische ontwikkeling van artikel 23 Gw – de verantwoordelijkheid van de regering voor het onderwijs – is van betekenis voor de huidige, wijzigende interpretatie van dat artikel door de wetgever. Aandacht wordt besteed aan drie belangrijke momenten in de geschiedenis van het grondwetsartikel: 1814, 1848 en 1917.
De arresten Maimonides en Hoornbeeck worden behandeld, alsmede enkele oordelen van het CRM (voorheen: Commissie gelijke behandeling).
De complexe structuur van het onderwijsrecht wordt geschetst aan de hand van de aanduiding van de relevante, uiteenlopende bronnen: Grondwet, sectorwetten, AMvB’s, ministeriële regelingen, gemeentelijke regelgeving, zelfregulering, beleidsregels, sectoroverstijgende wetten, en Europese en internationale verdragen. De laatstgenoemde bron van onderwijsrecht krijgt speciale aandacht door behandeling van de relevante artikelen. Twee uitspraken van het EHRM worden speciaal belicht: Leyla Sahin en Lautsi.
Middag:
prof.mr. P.W.A. Huisman
Overzicht van het onderwijssysteem en de onderwijswetgeving.
De wetgeving voor onderwijsinstellingen vormt voor buitenstaanders vaak een complex doolhof. Dit heeft onder andere te maken met de sectorale verdeling in het onderwijs, het feit dat publiek- en privaatrecht van toepassing is en de hoge omloopsnelheid van onderwijswetgeving. Ook voor praktijkjuristen is het van belang een algemene notie te hebben van de hoofdtrekken van het Nederlandse onderwijsstelsel en de hoofdlijnen in de onderwijswetgeving.
In de middag geven we een overzicht van de belangrijkste onderwijswetten, en uitwerkingen in lagere regelgeving. Ook de status en doorwerking van ‘soft regulation’, zoals codes en convenanten, komt aan bod.
We bespreken ook de casuïstiek die deelnemers mogelijk willen leveren. In de vervolgdagen wordt deze behandeld.
Cursusdag 2
rechten en plichten en governance
Ochtend:
Prof.mr. P.W.A. Huisman
Rechten en plichten instellingen en studenten bij toelating, verwijdering en beoordelingen in het hoger onderwijs
We bespreken de belangrijkste wettelijke bepalingen in de WHW rond toelating en verwijdering van studenten van de opleiding. Tevens staan we stil bij (actualiteiten rond) het bindend studieadvies en decentrale loting. Ook worden behandeld de positie en de bevoegdheden van examencommissie en jurisprudentie rond beoordelingen en fraude.
Onderdelen:
Regels rond toelating en verwijdering van de opleiding, bindend studieadvies
Positie examencommissie en examinator
Jurisprudentie toelating en verwijdering, beoordelingen en fraude
Procedures en rechtsbescherming studenten in het hoger onderwijs
Actualiteiten wetgeving
Middag:
mr. J. Streefkerk
Governance
Bestuur, intern toezicht en medezeggenschap van onderwijsinstellingen verandert met de tijd. Soms door wijzigingen in het onderwijsrecht; soms door wijzigingen in het algemene rechtspersonenrecht. Deze module geeft een overzicht van de bestuurlijke inrichting van het Nederlandse onderwijs en de juridische positie van de verschillende actoren. Vanuit de basis van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek werken we toe naar de onderwijseigen kenmerken van organisaties voor hoger onderwijs. We besteden aandacht aan het onderscheid tussen openbare en bijzondere instellingen. Mede op basis van inbreng van deelnemers kijken we naar specifieke situaties, zoals de governance van uitgebreide (private) dochterstructuren en interne mandaat- en delegatieregelingen.
Cursusdag 3
toezicht en medezeggenschap
Ochtend:
Prof. mr. M.T.A.B. Laemers
Toezicht/Wet op het onderwijstoezicht (Wot)
De Inspectie van het Onderwijs bewaakt de kwaliteit van het onderwijs en stimuleert scholen en instellingen deze kwaliteit te verbeteren. Het werkterrein van de inspectie strekt zich uit over voor- en vroegschoolse educatie, kinderopvang primair onderwijs, voortgezet onderwijs, speciaal onderwijs, middelbaar beroepsonderwijs, hoger onderwijs, particulier onderwijs, internationaal onderwijs, Caribisch Nederland en de samenwerkingsverbanden po en vo. Het onderwijs verandert en het toezicht op het onderwijs verandert mee. De inspectie beschikt over handhavingsinstrumenten.
Behandeld worden:
de hoofdlijnen van de WOT
de veranderingen sinds de inwerkingtreding en de (beoogde) vernieuwing van het toezicht door ‘toezicht in transitie’ en het wetsvoorstel Bisschop.
toezicht kaders
meting onderwijsresultaten
interventies
rechtsbescherming
jurisprudentie (Ibn Ghaldoun en As Siddieq)
Middag;
mr. W.D. Berkhout
Medezeggenschap
Hier behandelen we de specifieke regeling van de medezeggenschap in het hoger onderwijs, waar de onderwijswetgeving een keuze biedt tussen gedeelde (vergelijkbaar met de WOR) en ongedeelde (vergelijkbaar met de WMS) medezeggenschap.
Cursusdag 4
rechtspositie en studentbegeleiding en studievoortgang
Ochtend:
mr. W. Lindeboom
Rechtspositie
In het ochtenddeel van deze module staat de rechtspositie van de onderwijswerknemer centraal. In de eerste plaats zal aandacht worden besteed de spanning tussen grondrechten, zoals de vrijheid van meningsuiting van de werknemer en de academische vrijheid enerzijds en de vrijheid van onderwijs anderzijds. In dit kader zal een recente casus worden behandeld die in het hoger onderwijs speelde.
Meer in zijn algemeenheid komen aan de orde de benoemingseisen die aan de onderwijswerknemer worden gesteld en aan de bijzondere rechtspositie van de onderwijsbestuurder. Ruime aandacht wordt besteed aan een aantal specifieke onderwerpen in de cao’s voor het hoger beroepsonderwijs en de universiteiten, zoals:
de (on)mogelijkheid van tijdelijke arbeidsovereenkomsten;
de tijdelijke uitbreiding van de arbeidsovereenkomst;
onderwijsvakanties in relatie tot het arbeidsovereenkomstenrecht.
Deze onderwerpen zullen behandeld worden aan de hand van specifieke rechtspraak.
Vervolgens zal het ontslagrecht worden behandeld, eveneens aan de hand van praktijkvoorbeelden uit het onderwijs. Tenslotte komen de bovenwettelijke cao-voorzieningen in geval van werkloosheid en arbeidsongeschiktheid aan de orde, evenals de bekostiging van dergelijke uitkeringen.
Middag:
mr. M.W.A. Scholtes en mr. N.J.A.P.B. Niessen
Inclusief onderwijs, studentbegeleiding en studievoortgang
Welke juridische vraagstukken over inclusief onderwijs, studiebegeleiding en studievoortgang spelen in de praktijk bij studenten en onderwijsinstellingen. Hoe vult de onderwijsinstelling haar zorgplicht in en tegen welke hindernissen lopen studenten en onderwijsinstellingen in dat kader aan? We bespreken in deze cursus de verankering van inclusief onderwijs in de sectorwetten van het MBO en HBO/WO aan de hand van elementen zoals fysieke en digitale toegankelijkheid, toetsing en ondersteuningsaanbod. Dit werken we vervolgens uit, mede aan de hand van rechtspraak en oordelen van het College voor de Rechten van de Mens. Er is ruimte om eigen casuïstiek in te brengen, neem in dat geval vooraf even contact op om de casus aan de docenten mee te geven.
Cursusdag 5
klachtrecht en aansprakelijkheid
Ochtend:
mr. J. Streefkerk
Klachtrecht HO
In deze module ligt het accent op de positie van de klachtencommissies, die op grond van de onderwijswetgeving in vrijwel elke onderwijssector verplicht zijn voorgeschreven. Welke klachten behandelen de klachtencommissies, welk reglement is van toepassing en wat is het civiele effect van het advies van de klachtencommissie? We doorlopen de procedures stap voor stap en bekijken een aantal voorbeelden van ‘vaste’ uitspraken op verschillende gebieden. Er is ruimte om eigen casuïstiek in te brengen: neem in dat geval vooraf even contact op om de casus aan de docent mee te geven.
Middag:
mevr. mr. dr. S. Voskamp of mevr. mr. dr. B.M. Paijmans
Aansprakelijkheid in het onderwijs
In de media wordt nogal eens bericht over studenten of ouders die onderwijsinstellingen aansprakelijk willen houden voor door hun geleden schade. Het kan hierbij gaan om schade die het gevolg is van een ongeval, maar ook om schade die zou zijn geleden door een gebrek aan kwaliteit van het onderwijs. Dit dagdeel gaat nader in op het vraagstuk dat achter deze berichten schuilt: de vraag naar de civielrechtelijke aansprakelijkheid van onderwijsinstellingen.
Tijdens dit dagdeel wordt allereerst stilgestaan bij de rechtsverhouding tussen onderwijsinstellingen en onderwijsdeelnemers (en eventueel hun ouders). Daarnaast wordt ingegaan op verschillende vragen die kunnen rijzen in het kader van de civielrechtelijke aansprakelijkheid van onderwijsinstellingen, zoals: Wie is de aansprakelijk te stellen partij? Wat is de grondslag van een eventuele aansprakelijkheid? Rust een zorgplicht op onderwijsinstellingen? Zo ja, wat houdt die zorgplicht in en hoe wordt deze door de rechter getoetst?
Reviews over cursussen van OSR Juridische Opleidingen
Deel uw ervaring met vakgenoten!